Hoeve De Steeg Bemelen

Nieuwbouw hoeve

Opdrachtgever: G&D Projectmanagement B.V.
Architect: Artesk van Royen Architecten
Ontwerp: Teske van Royen, Wytske van der Veen
Medewerker: Roel Slabbers
Technisch ontwerp: Ingenieurshuis Schijns, Maastricht
Aannemer: G&D Projectmanagement, Mheer
Prijsvraagontwerp: 2010
Uitvoering: 2010-2014
Fotografie: Anja Schlamann, Köln, Luca Simons

 

De uitbreidingslocatie De Steeg is gelegen aan de Zuid-West zijde van het dorp Bemelen. Bemelen is ontstaan op de rand van een plateau in de hoek van de droogdalen de Grubbe en de Sibbersloot. Het dorp bestond oorspronkelijk uit lintbebouwing langs de Oude Akerstraat en langs de St. Laurentiusstraat/ St. Antoniusbank. Op de ontmoeting van deze straten ligt de St. Laurentiuskerk, gebouwd in 1845.

Het beeld van het landschap rond Bemelen wordt grotendeels bepaald door de ligging op de rand van een dalwandterras. Vanuit deze ligging is het mogelijk wijds uit te kijken over het buitengebied. Vanuit de locatie De Steeg is het mogelijk tot aan Maastricht te kijken.

De nieuwe hoeve is gelegen aan de rand van de uitbreidingslocatie De Steeg. Het complex vormt de overgang tussen de bestaande bebouwing van Bemelen, het buitengebied en de nieuwe wijk. Een lindeboom met een wegkruis markeert de entree naar de nieuwe wijk.

Het complex bevat vijf starterswoningen die aaneengeschakeld gelegen zijn rond een binnenhof. Het vormt een groter volume die de nieuwbouw wijk markeert en daarmee qua vormentaal enigszins verwantschap heeft met de monumentale hoeve Sint Antoniusbank.

De monumentale hoeve Sint Antoniusbank dateert oorspronkelijk uit de 17e eeuw, de huidige vorm is 19e-eeuws. Het is een gesloten hoeve en is hoger gelegen aan de straat, waardoor het een zeer imposante uitstraling heeft.

Bij het ontwerp voor de woningen van hoeve De Steeg is gezocht naar een hedendaagse interpretatie van herkenbare kenmerken van een gesloten hofboerderij. Het complex bestaat uit twee evenwijdige volumes loodrecht op de straat. De kap is asymmetrisch, laag aan de binnenzijde en hoog aan de buitenzijde. Deze vorm, veel voorkomend in het straatbeeld van Zuid Limburg, versterkt de kenmerken van de locatie; intiem aan het hof, hoog aan de buitenzijde, zodat zoveel mogelijk uitzicht naar het omliggende land mogelijk is. De twee volumes zijn verbonden door een volume met een dakvlak evenwijdig aan de straat, met onder het doorlopende dak, een doorgang naar het binnenhof.

Via het binnenhof kom je bij het gemeenschappelijke achter gebied, waar de parkeerplaatsen zijn, vergelijkbaar met de vroegere ‘schop’ of wagenschuur. Alle entrees van de woningen liggen aan het binnenhof. Het dak steekt over, zodat er een ommegang ontstaat, waarbij je droog en ongehinderd door eventuele auto’s je woning kan bereiken. De woningen zelf zijn voornamelijk op de tuin en het uitzicht gericht.

Bekijk hier aanvullende info.